In totaal hebben de 9 nu toegekende windparken een opgesteld vermogen van 32 GW, voldoende om circa 16 miljoen Britse huishoudens van stroom te voorzien.
Het grootste van de negen parken heeft een opgesteld vermogen van 9 GW. Dat is voldoende om circa 4,5 miljoen huishoudens van stroom te voorzien. Dat park wordt gebouwd door een consortium van vier bedrijven, waaronder het Duitse RWE, dat vorig jaar het Nederlandse Essent overnam.
Zelfvoorziening
De bouw van de negen parken past in het grotere plan dat Groot- Brittannië heeft voor windenergie op zee. Die moet een belangrijke bijdrage gaan leveren aan het halen van het doel voor duurzame energie. In 2015 willen de Britten 15 procent van alle elektriciteit duurzaam opwekken. In 2020 moet dat zijn opgelopen tot 20 procent.
Windenergie draagt ook bij aan de zelfvoorzienings zekerheid. Groot- Brittannië is sinds enkele jaren een netto gas en olie importeur, en wordt voor zijn gas en olie steeds afhankelijker van het buitenland.
Grootste ter wereld
Volgens de Britse premier Gordon Brown biedt de industrie voor windturbines op zee in 2020 circa 70.000 banen. „De off shore windindustrie vormt het hart van de verschuiving die we moeten maken naar een lage koolstofeconomie”, zei Brown in reactie op de toekenning van de negen windparken.
In 2000 en 2003 heeft Groot- Brittannië ook rondes gehouden voor de bouw van windparken. In de eerste ronde ging het om relatief kleine windparken. In de tweede ronde om middelgrote parken. In de ronde die nu is gehouden gaat het om de grootste windparken ter wereld.
