Een windmolen in de schoen

groene-sintSinterklazen, zwarte pieten, oma’s en opa’s, tantes en ooms, opgelet! De Windvogel kent een jeugdlidmaatschap. De actie loopt als sinds 2005 maar is nog steeds even leuk.

Wie zijn kleinkind(-eren) of nichtje(-s)/neefje(-s) lid maakt van de Windvogel en naast het inleggeld van €50, onderdeel van het lidmaatschap, ook nog eens €50 als lening op naam van het kind aan de vereniging verstrekt, ontvangt een leuke verrassing voor het kind. Onderdeel van de verrassing is een lidmaatschapcertificaat. De eigenlijke verrassing verklappen we lekker niet, maar het draait in de zon en het vliegt niet ……

Wat betekent een dorpsmolen voor uw gemeenschap?

Dit informatieblad laat aan de hand van een voorbeeld zien wat de investeringen en de opbrengsten zijn van een dorpsmolen die in bezit is van de lokale bevolking. Hoeveel stroom levert een dorpsmolen op? Hoeveel geld is er nodig om een dorpsmolen neer te zetten? Hoeveel geld is er nodig van de burgers en hoeveel van de bank? Hoeveel levert het individuele leden op? Tot slot zult u zien dat er jaarlijks ook nog enkele tienduizenden euro’s overblijven om te investeren in de gemeenschap.

Lees hier het informatieblad Wat betekent een dorpsmolen voor uw gemeenschap?

Energie en landschap

windbosLandschap en energie, het is bepaald geen gemakkelijk hanteerbaar onderwerp. Landschapsarchitect Dirk Sijmons schreef het mooie, lijvige boek Energie en landschap, ontwerpen voor transitie dat onder redactie van Sijmons, Jasper Hugtenburg, Fred Feddes en Anton van Hoorn is verschenen.

Hoe ziet het energetische universum eruit in de toekomst? Lees de recensie van dit boek van de voormalige Rijksadviseur voor het landschap.

Dick van Elk op plek 66 in Duurzame 100

Dick van Elk, oud-voorzitter De WindvogelDick van Elk, de oprichter van burgercoöperatie De Windvogel, staat op plek 66 in de Duurzame 100 van dagblad Trouw. De 69-jarige is niet langer voorzitter, maar nog wel als projectmedewerker bij de organisatie betrokken. Onder zijn leiding is de club die ooit in 1991 in Reeuwijk ontstond vanuit een gespreksgroep over de Club van Rome uitgegroeid tot een professionele coöperatie met inmiddels meer dan 3300 leden. De Windvogel bezit momenteel zes windmolens en twee zonnevelden. De Windvogel is medeoprichter van REScoopNL, waarin nieuwe en oude coöperaties samenwerken aan nieuwe burger-windprojecten. Dit jaar stond De Windvogel aan de wieg van de Europese federatie van energiecoöperaties genaamd REScoopEU.

Tijd voor een paar vragen aan onze oud-voorzitter:

Wat is jouw persoonlijke drijfveer geweest om de Windvogel op te richten?
“De Windvogel was onderdeel van tien activiteiten die we eind tachtiger jaren hebben opgezet in Reeuwijk. Allemaal gericht op “een betere samenleving/gemeenschap” waar ik oprecht in geloof, ondanks alles wat er ook gebeurt in de wereld. Die betere samenleving begint bij jezelf, je familie, vrienden, kennissen, buurtgenoten, plaatsgenoten, landgenoten en eindigt bij de wereld, inclusief allen en alles wat erop leeft… Je denkt wat en je doet wat en je ziet wel wat er van komt…geloof en vertrouwen dus…”

Bij welke windmolen ben je het meest betrokken?
“Op dit moment bij de windmolen die er nog niet is en er wèl moet komen! Eén van de bestaande windmolens kiezen is moeilijk. De eerste, De Windvogel in Bodegraven-Reeuwijk, was ruim 20 jaar geleden een leuk succes. Inmiddels een zorg omdat hij nog steeds niet vervangen is door een grotere. Ik ben hem dus liever kwijt dan rijk, maar toch… De laatste die zelf hebben gebouwd, De Amstelvogel, is de mooiste. Ook de recordtijd waarin we hem hebben gebouwd – twee jaar in plaats van de “gebruikelijke” 7 tot 10 jaar – stemt tot tevredenheid. De beslissing is een absoluut record: binnen een half uur was het gesprek met de wethouder rond!”

Wat geef je de nieuwe voorzitter mee?

“Siward brengt zelf al genoeg mee om de Coöperatie en de duurzame energiedoelstellingen uit te bouwen. In Nederland en in Europa. De in 2002 gestarte schuchtere verkenning in Brussel heeft hij inmiddels goed opgepakt. De samenwerking op EU niveau moet een stimulans of desnoods een stok achter de deur zijn voor de magere Nederlandse politieke activiteiten. Om hem toch nog wat mee te geven: een dubbele portie geloof en vertrouwen? En natuurlijk dat hij mijn opvolger wordt op de “Duurzame 100″ lijst, alleen nog wat hoger. Wellicht op 1?”

Inloopavond 2e Exloermond goed bezocht

logo_drentsemonden oostermoer18 september 2014 – Gisteravond hebben honderden belangstellenden – voor- en tegenstanders – de informatiemarkt bezocht over windpark De Drentse Monden en Oostermoer. Ook De Windvogel was aanwezig om voorlichting te geven over de deelnamemogelijkheden voor burgers in het windpark. Burgers kunnen lid worden van De Windvogel en zo mede-eigenaar worden van minstens twee windturbines in het nieuw te bouwen windpark Drentse Monden en Oostermoer. De Windvogel vindt het belangrijk dat de lokale bevolking ook profijt ondervindt van het nieuwe windpark.

Het windpark
In Drentse Monden en Oostermoer in het Noordoosten van Drenthe zijn drie initiatiefnemers die samen één groot windpark bouwen. De Windvogel heeft met één van de initiatiefnemers, DEE (Stichting Duurzame Energieproductie Exloërmond), een samenwerkingsovereenkomst gesloten. De Windvogel zorgt dat omwonende burgers aan het windpark Drentse Monden kunnen deelnemen. Minstens 10% van het geplande windpark (twee windmolens) komt in handen van de burgers via coöperatie De Windvogel. Het totale windpark in de Drentse Veenkoloniën wordt tussen de 150 en 185 Mw. Uitgaande van windmolens van 3 MW, komt dat neer op 50 tot maximaal 62 windmolens. Lees meer over het gehele windpark op http://www.drentsemondenoostermoer.nl/.

Doe mee
Ook u kunt een deelnemen aan dit Drentse windpark en zo profiteren van de opbrengsten. Voor eenmalig €50 euro bent u lid van coöperatieve vereniging De Windvogel. Dan bent u mede-eigenaar van de twee windmolens die in handen komen van de burgers. Daarnaast kunt u een bedrag naar keuze (een veelvoud van €50) investeren in het windpark. Uiteraard kunt u ook de Drentse windstroom afnemen. Stimuleer duurzame energie in Drenthe en word lid van De Windvogel. Als u lid bent, hebt u medezeggenschap in de vereniging en de duurzame energie projecten.

Inloopavond windpark Drentse Monden op 17 september

logo windpark Drentse Monden en OostermoerOp woensdagavond 17 september 2014 is er een open inloopavond georganiseerd door de initiatiefnemers en de overheid voor burgers in Horecacentrum Spa, Zuiderdiep 209 te 2e Exloermond. U bent van harte welkom van 19 tot 21 uur. Ook De Windvogel is aanwezig om toe te lichten hoe burgers kunnen meedoen in het windpark.

Het windpark de Drentse Monden
In Drentse Monden en Oostermoer in het Noordoosten van Drenthe zijn drie initiatiefnemers die samen één groot windpark bouwen. De Windvogel heeft met één van de initiatiefnemers, DEE (Stichting Duurzame Energieproductie Exloërmond), een samenwerkingsovereenkomst gesloten. De Windvogel zorgt dat omwonende burgers aan het windpark Drentse Monden kunnen deelnemen. Minstens tien procent van het windpark de Drentse Monden wordt eigendom van de coöperatie, en daarmee bij wijze van spreke ook van de burgers die lid zijn. Dat zijn twee windmolens. Het totale windpark in de Drentse Veenkoloniën wordt tussen de 150 en 185 Mw. Uitgaande van windmolens van 3 MW, komt dat neer op 50 tot maximaal 62 windmolens. Lees meer over het gehele windpark op http://www.drentsemondenoostermoer.nl/.

Veilig werken op grote hoogte

In dit artikel vertelt Jan van Egmond vanuit zijn ervaring als inspecteur en adviseur op het gebied van windturbines over de stand van zaken op het gebied van veiligheid in en om windturbines.

Windmolens worden steeds veiliger ontworpen
De veiligheid van het werken in windmolens is de laatste 25 jaar flink verbeterd. Vroeger trof je nog wel eens daken zonder antislipvoorzieningen op 80 m hoog, of een zeer onveilige ingang van de gondel. Vooral de laatste 10 jaar is er op bij het ontwerp van windmolens veel veranderd. De eerste veiligheidsnormen werden opgezet in Denemarken en later door ECN in Nederland. Een voorbeeld hiervan is bijvoorbeeld de grootte van de toegangsdeur van de mast voor het afvoeren van mogelijke gewonden op een brancard. Een ander voorbeeld zijn de voorschriften voor de afmetingen van de ruimte rond de bordessen in de toren, zodat het gevaar van vallende bouten, moeren en onderdelen voor het beneden aanwezige personeel beperkt blijft.

Veilige ontwerpen door de jaren heen
De eerste Nederlandse normen waren de NEN 6096/2 in 1990 (Auteur W.J. Stam ECN) en in 1999 tot april 2006 de NVN 11400-0, de Nederlandse windturbine norm. Het heeft jarenlang geduurd voordat de internationale normen ook in Nederland geaccepteerd werden, maar in 2006 werd de IEC 61400-1 en de IEC WT01 van kracht, voor wat betreft het ontwerpen van een goede robuuste en ook nog veilige windturbine. Voor deelaspecten zoals het ontwerpen van stuurkasten of transformator- en schakelruimtes wordt tegenwoordig naar andere CENELEK-, NEN- en ISO-normen verwezen, welke in de elektrotechnische industrie van toepassing zijn. Verder zijn er inmiddels normen opgesteld welke focussen op bijvoorbeeld offshore wind industrie, zoals de fameuze “Guideline for the Certification of Offshore Wind Turbines” van Germanische Lloyd, oorspronkelijk daterend van 2005 en inmiddels diverse malen geüpdate. Hierbij worden naast ontwerptechnische voorschriften ook eisen gesteld aan veiligheid, zowel op het gebied van veiligheidssystemen, handleidingen, veiligheidsaanwijzingen (bebording) en zo meer.

Veilig werken op grote hoogte
Voor wat betreft het veilig werken in turbines zijn vele regelgevingen aanwezig. Uiteraard de Arbowet, die de arbeidsomstandigheden aangeeft, maar ook de ISO 16024:2005 voor wat betreft het veilig werken op grote hoogtes. Ook de Nederlandse windindustrie heeft hier op ingespeeld door onder de auspiciën van de NEWIN een Arbocatalogus op te stellen, welke de risico’s van werken in windturbines beschrijft en hiervoor –per type werkzaamheid- regels geeft waaraan men dient te voldoen of aan moet denken. Zie de Arbo catalogus voor de windbranche. Hier kan elke werknemer binnen de branche opzoeken wat de gevaren en de maatregelen zijn om een klus veilig uit te kunnen voeren. Dit is gespecificeerd naar onshore en offshore windturbines.

En dan de praktijk…
Van 1990 tot in 1999 heb ik veelal alleen in windturbines geïnspecteerd; er was dus geen 2e man/vrouw aanwezig; tandwielkasten van binnen bekijken, stuurkasten inspecteren, op het dak de windsnelheidsmeters beoordelen. Dat was destijds allemaal geaccepteerd… Later ging wel eens een vriend of mijn vrouw mee, om in geval van ‘problemen’ hulpdiensten te waarschuwen. Als ik toen wist wat ik nu inmiddels in veiligheids- reddings- en klimcursussen geleerd heb, had ik waarschijnlijk toen andere keuzes gemaakt. In de 25 jaar turbines inspecteren heb ik vele vreemde zaken gezien en aan mijn klanten en fabrikanten gerapporteerd. U kunt vele beelden hiervan zien op mijn website Quality in wind. U zult zich verbazen over het ontbreken van antislipvoorzieningen op daken 80 m hoog, gesleten ophangpunten van hijslieren, scheurende kettingzakken van deze lieren, te krappe luiken in de mastbordessen of een zeer onveilige ingang van de gondel (ingeklemd onder de tandwielkast). Wat dacht u van buitenom klimmen naar de toegang van de rotornaaf aan de voorzijde, en dat bij sneeuw of 2 cm dik ijzel op het rond gebogen laddertje en dat op 85 m hoogte? Of olie en verfopslag in de mastvoet? Of alleen in de eerste windturbine van een park alle 26 brandblussers van het hele park… je zal maar in turbine vijf een brand moeten blussen! Of de eerste liften om boven te kunnen komen; half open en soms rakelings langs bordesdoorgangen?

…die is gelukkig verbeterd
Ja, er is gelukkig veel verbeterd rond veilig werken binnen windturbines. Zowel op het ontwerpniveau van de huidige turbines als bij de inspectie. Vele en duidelijke veiligheidswaarschuwingen en voorschriften worden ter plekke aangegeven, duidelijke instructies met foto’s erbij zijn overal standaard aanwezig… En dat er heel zelden toch nog wel eens iets gebeurt is bijna niet te voorkomen; veiligheid blijft mensenwerk! Net als in het verkeer: technische APK keuringen en verbeterde rijopleidingen hebben niet geleid tot het uitbannen van verkeersongevallen…

Door Jan van Egmond, inspecteur windturbines en lid van De Windvogel

Over Jan van Egmond:
Sinds 1989 werk ik in de windindustrie: de 1e 7 jaar bij E-Connection, het 1e windenergie projectontwikkelbureau in NL, en sinds maart 1997 als Quality in Wind, een inspectie- en technisch adviesbureau op gebied van windturbine techniek. Daarbij heb ik vele honderden turbines geïnspecteerd, zowel nieuw als 3 of 5 jaar oud, tijdens Einde Garantie Inspecties of als trouble shooter bij technische calamiteiten of anderszins. Daarnaast deed ik sinds 1991 kwaliteitsaudits en productie-inspecties bij windturbinefabrieken en hun toeleveranciers zoals productie van masten, rotorbladen, tandwielkasten, lagers, hoofdassen, transformatoren, elektronische stuurkasten e.d.