Vestas voert test uit met revolutionaire ‘stealth’-windturbine

Nogal wat locaties voor windparken vallen vandaag uit de boot wegens een ‘njet’ van defensie. Vestas en QinetiQ hebben nu een ‘stealth’-turbine getest. We staan er niet direct bij stil, maar hoge windturbines verstoren de radar van luchtverkeer- en defensiesystemen.

Radarsystemen moeten namelijk ook laagvliegende objecten kunnen opsporen en de steeds hoger wordende pylonen van windturbines kunnen die de metingen verstoren.

Het gevolg is dat windturbines op vele goede locaties niet geplaatst kunnen worden. Dat beperkt meteen de mogelijkheden.

Alleen al in het VK bijvoorbeeld is zo een equivalent van 9GW aan potentiële locaties uitgerangeerd.

Ook in België werd bijvoorbeeld onlangs bekend dat een nieuw windmolenpark naast de snelweg E17 in Zulte en Kruishoutem niet mocht doorgaan, omdat de turbines de analoge militaire radar van Semmerzake zouden verstoren.

De Deense windmolenbouwer Vestas heeft nu samen met de Britse technologiespeler QiniteQ een voor radarsignalen quasi onzichtbaar – of beter gezegd: duidelijk herkenbaar – materiaal in een turbineblad getest.

De bedoeling is dat elke windturbine in een park individueel door de radar kan gedetecteerd worden. Nu is het zo dat het hele park als een grote, blinde vlek (kegel) op de radar verschijnt.

De nieuwe technologie maakt gebruik van een hele reeks radar-absorberende materialen die tijdens het fabriceren van de bladen, gondel en pyloon in het constructiemateriaal worden verwerkt.

De hele constructie kan zo ‘gestuurd’ worden dat ze op de luchtvaart- en maritieme frequenties werkt. Dat signaal kan dan door de radarsystemen gecompenseerd en genegeerd worden.

De test gebeurde met een prototype van 44 meter op een Brits windpark in Norfolk. Het vijf jaar durende onderzoek zelf is gesubsidieerd door de Britse overheid.

QiniteQ zelf is overigens meer dan vertrouwd met dit type technologie: het ontwikkelde al ‘stealth’-technologie voor de defensiesector, maar wil met zijn expertise duidelijk ook een graantje meepikken van de opkomende markt van de duurzame energie.  Bron;http://www.engineeringnet.be/

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *